Automatische transmissie met 8 versnellingen met impulskeuzeschakelaar. De transmissie biedt ook de mogelijkheid handmatig te schakelen met de schakelflippers aan de stuurkolom.
P. Auto Park
Druk op deze toets om de parkeerstand in te schakelen.
Parkeren van de auto: de voorwielen worden geblokkeerd.
R. Achteruitversnelling
N. Neutraalstand
Om de auto in de vrijloop te zetten en te kunnen verplaatsen met het contact afgezet.
Zie het betreffende hoofdstuk voor meer informatie over de vrijloop.
D. Rijden in de automatische stand
De transmissie schakelt zelf de juiste versnelling in, op basis van uw rijstijl, het wegprofiel en de belading van de auto.
M. Rijden in de handmatige stand
Druk op deze toets om de handmatige stand in te schakelen.
De bestuurder kan schakelen met de schakelflippers.
► Druk in stand N met het rempedaal ingetrapt op de keuzeschakelaar zonder het punt van weerstand te passeren:
Laat de selectiehendel na elke keer duwen helemaal los zodat deze weer terugkeert naar de oorspronkelijke positie.
Bijzonderheden
Om stand N over te slaan (snel van D naar R gaan en weer terug):
► In stand R duwt u naar achteren tot voorbij het weerstandspunt om stand D te selecteren.
► In stand D duwt u naar voren tot voorbij het weerstandspunt om stand R te selecteren.
► Om terug te keren naar stand N duwt u deze zonder het punt van weerstand te passeren.
Schakelaars op of rondom het stuurwiel
(Afhankelijk van de uitvoering)
In stand M of D kan de bestuurder met de schakelflippers aan de stuurkolom schakelen.
Met de flippers is het niet mogelijk om de neutraalstand of de achteruitversnelling in te schakelen of uit de achteruitversnelling te schakelen.
► Beweeg flipper "+" of "-" kort naar u toe om naar een hogere of lagere versnelling te schakelen.
Wanneer het contact wordt aangezet, wordt de status van de transmissie op het instrumentenpaneel weergegeven:
P Parkeren
R Achteruitversnelling
N Neutraalstand
D1...8 Automatisch geselecteerde versnelling vooruit
M1...8 Handmatig geselecteerde versnelling vooruit
Bij het afzetten van het contact wordt de stand van de transmissie nog enkele seconden weergegeven op het instrumentenpaneel.
Werking
Alleen de verzoeken voor het veranderen van de stand die correct uitvoerbaar zijn, worden uitgevoerd.
Als de motor draait en het rempedaal moet worden ingetrapt om de stand te kunnen wijzigen, wordt een waarschuwingsmelding op het instrumentenpaneel weergegeven.
Als bij draaiende motor en vrijgezette parkeerrem stand R, D of M wordt geselecteerd, zet de auto zich in beweging zonder dat u het gaspedaal hoeft in te trappen.
Trap nooit tegelijkertijd op het gas- en het rempedaal. Hierdoor kan de transmissie worden beschadigd!
Als u het bestuurdersportier opent terwijl stand N is ingeschakeld, dan klinkt er een geluidssignaal en wordt stand P ingeschakeld.
Het geluidssignaal stopt wanneer het bestuurdersportier is gesloten.
Bij snelheden lager dan 5 km/h wordt bij het openen van het bestuurdersportier de stand P ingeschakeld - kans op plotseling remmen!
Plaats bij een lege accu altijd het (de) met het boordgereedschap meegeleverde wielblok(ken) tegen een van de wielen om de auto op zijn plaats te houden.
Bijzonderheden van de automatische stand
De transmissie selecteert de versnelling die de beste prestaties levert op basis van de omgevingstemperatuur, het wegprofiel, de belading van de auto en de rijstijl.
Trap voor een maximale acceleratie het gaspedaal volledig in (kickdown). De transmissie schakelt automatisch terug of handhaaft de ingeschakelde versnelling totdat de motor het maximumtoerental bereikt.
Met de schakelflippers kan de bestuurder tijdelijk zelf schakelen als de rijsnelheid en het motortoerental dit toelaten.
Bijzonderheden van de handbediende stand
De transmissie schakelt alleen een andere versnelling in als de wagensnelheid en het motortoerental dit toelaten.
► Trap het rempedaal volledig in.
► Start de motor.
► Beweeg, met uw voet op het rempedaal, de keuzeschakelaar een of twee keer naar achteren om de automatische stand D te selecteren of naar voren om de achteruitversnelling R in te schakelen.
► Laat het rempedaal los.
► Geef geleidelijk gas om de elektrische parkeerrem automatisch vrij te zetten.
De auto begint onmiddellijk te rijden.
Automatische transmissie
Probeer de motor nooit te starten door de auto aan te duwen.
De auto afzetten
Stand P wordt direct automatisch ingeschakeld wanneer het contact wordt afgezet, ongeacht de huidige stand van de transmissie.
In stand N wordt stand P echter na een vertraging van 5 seconden ingeschakeld (tijd om de vrijloopstand in te schakelen).
Controleer of stand P inderdaad is ingeschakeld en of de elektrische parkeerrem automatisch is ingeschakeld; zo niet, schakel de parkeerrem dan handmatig in.
De betreffende controlelampjes
op de
keuzeschakelaar van de transmissie en de
hendel van de elektrische parkeerrem, en de
controlelampjes op het instrumentenpaneel
moeten branden.
Storing in de transmissie
Dit waarschuwingslampje gaat
branden, in
combinatie met een geluidssignaal en een
melding.
Ga naar het CITROËN-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Rijd niet sneller dan 100 km/h waar dat is toegestaan.
Overschakelen van de transmissie op het noodprogramma
Stand D wordt geblokkeerd in de derde versnelling.
De flippers op het stuurwiel werken niet en stand M is niet meer beschikbaar.
U kunt een hevige schok voelen als de achteruitversnelling wordt ingeschakeld. Dit is niet schadelijk voor de transmissie.
Storing in de selectiehendel
Kleine storing
Dit waarschuwingslampje gaat
branden, in
combinatie met een melding en een
geluidssignaal.
Rijd voorzichtig.
Ga naar het CITROËN-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
In bepaalde gevallen gaan de controlelampjes van de selectiehendel niet meer branden, maar wordt de status van de transmissie nog wel op het instrumentenpaneel weergegeven.
Ernstige storing
Dit waarschuwingslampje gaat
branden, in
combinatie met een melding.
Zet de auto stil.
Zet de auto zo snel mogelijk stil op een veilige plaats en zet het contact af.
Neem contact op met een CITROËN-dealer of een gekwalificeerde werkplaats.
Begin te midden van onze vierde verschijning boven, zet onze niet wonende beesten, god, god heerschappij onze gevleugelde vrucht afbeelding.